Buffalo wings
Buffalo wings zijn kippenvleugels zoals ze bedoeld zijn: klein, sappig en met flink wat smaak. Oorspronkelijk uit Buffalo, New York – maar inmiddels onmisbaar op elke barbecue waar vuur en liefde samenkomen. Ze worden niet gepaneerd of gefrituurd, maar gewoon eerlijk gegrild of gerookt, zoals het hoort. De magie zit ‘m in de saus: pittig, boterachtig en net scherp genoeg om je aandacht vast te houden. Deze vleugels zijn gemaakt om met je handen te eten. Geen gedoe, gewoon kluiven en genieten. Een bord buffalo wings op tafel betekent feest! We maakten eerder al eens hotwings, ook die zijn zeker het proberen waard!

Gerookt en gegrild
We starten deze vleugels rustig, op lage temperatuur met een blokje rookhout. Appel- of kersenhout werkt hier geweldig: mild, een tikje zoet, en perfect voor kip. Het roken geeft de vleugels een diepe, warme smaak die je nooit uit een oven krijgt. Na het roken verplaatsen we de vleugels naar het directe vuur. Daar krijgen ze een stevige korst, knapperig vel en die herkenbare, licht geblakerde randjes die zo lekker blijven hangen in je mond. Door eerst te roken en daarna te grillen, bouw je laag op laag – precies wat buffalo wings nodig hebben om écht indruk te maken.

Blue cheese dip
Buffalo wings zijn niet compleet zonder een goede dip, en dan bedoelen we natuurlijk de klassieker: blue cheese. Geen flauwe saus uit een flesje, maar zelfgemaakt, op basis van romige creme fraiche en verkruimelde Danish blue. Deze Deense blauwaderkaas heeft een uitgesproken smaak zonder té scherp te worden, en dat maakt ’m ideaal om mee te dippen. Het zoutige, romige karakter van de kaas haalt de pittigheid van de wings prachtig op. Een lepel van deze dip op een krokant stukje kip? Dat is balans. En het mooiste: je gasten zullen denken dat je er uren aan hebt staan prutsen, terwijl het stiekem gewoon simpel en steengoed is!